Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

GS-Besluiten

dinsdag 27 oktober 2026

09:30 - 12:30
Voorzitter
Hans Oosters

Agendapunten

  1. 0.07.H

    Essentie/ samenvatting:
    Op 7 juli hebben Gedeputeerde Staten (GS) de gewijzigde strategie van het Utrechts Warmte Ondersteuningsbedrijf (UWO) vastgesteld. UWO is doorontwikkeld naar Uwarmte. Het doel van Uwarmte is de ontwikkeling, realisatie en exploitatie van collectieve warmtesystemen verzorgen en warmte leveren aan inwoners, organisaties en bedrijven. Het blijft ook mogelijk dat Uwarmte samen met gemeenten lokale warmtebedrijven exploiteert. Het bedrijfsplan voor dit warmtebedrijf is door de 3 beoogde aandeelhouders opgesteld en wordt ter vaststelling aangeboden aan GS. Op basis van het bedrijfsplan wordt Provinciale Staten (PS) gevraagd om de hiervoor gereserveerde middelen beschikbaar te stellen. Hierna worden de oprichting van Uwarmte met bijbehorend besluitvormingsproces en de eerste investeringen in concrete collectieve warmteprojecten verder voorbereid.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten het Bedrijfsplan Uwarmte vast te stellen; Het Statenvoorstel ‘Middelen publiek warmtebedrijf’ vast te stellen en ter besluitvorming toe te sturen aan Provinciale Staten.

  2. 0.16.H

    Essentie / samenvatting:
    De vereisten voor de planperiode 2028-2033 van de Kaderrichtlijn Water (KRW) vormen de bijdrage van de provincie Utrecht aan het vierde Stroomgebiedbeheerplan (SGBP4). Hieronder vallen de actualisatie van de begrenzing en typering van de KRW-waterlichamen, de beoordeling van de toestand van oppervlaktewater- en grondwaterlichamen, de geactualiseerde KRW-doelen, de motiveringen voor uitzonderingsgronden en het maatregelenpakket voor grondwater. Omdat 2027 de laatste reguliere termijn is voor het behalen van de Europese KRW-doelen, zijn voor doelen die naar verwachting niet op tijd worden behaald, uitzonderingsgronden en bijbehorende motiveringen opgesteld. Met de vaststelling van deze gegevens voldoet de provincie aan de nationale en Europese verplichtingen voor de voorbereiding van het vierde Stroomgebiedbeheerplan 2028-2033.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. de KRW-vereisten voor het vierde Stroomgebiedbeheerplan (2028-2033) vast te stellen, namelijk:
    1.1. de begrenzing, typering en status van de Utrechtse KRW-oppervlaktewaterlichamen (§1.1 van Factsheets 1 t/m 4);
    1.2. de begrenzing van de Utrechtse KRW-grondwaterlichamen (§1.1 van Factsheets 5)
    1.3. de actuele beoordeling van de toestand van de KRW-oppervlaktewaterlichamen (§2.2 van Factsheets 1 t/m 4 en grondwaterlichamen (§2.3 van Factsheets 5);
    1.4. de KRW-doelen voor de ecologie van de oppervlaktewaterlichamen voor de planperiode 2028-2033 (§2.3 van Factsheets 1 t/m 4);
    1.5. de uitzonderingsgronden voor de KRW-doelen die naar verwachting niet uiterlijk in 2027 worden bereikt (§5.1-5.4 van Factsheets 1 t/m 4: oppervlaktewater en §5.1-5.2 van Factsheets 5: grondwater);
    1.6. de motiveringen voor de toepassing van deze uitzonderingen (Bijlagen van Factsheets 1 t/m 4 voor oppervlaktewater en Bijlagen van Factsheets 5 voor grondwater);
    1.7. het maatregelenpakket voor grondwater ten behoeve van het SGBP4 (§4.6 van Factsheets 5);
    1.8. de maatregelen ten behoeve van doelbereik van oppervlaktewateren waar de provincie Utrecht initiatiefnemer voor is ten behoeve van het SGBP4 (bijlage 6);
    2. de gegevens onder punt 1 vrij te geven voor opname in het nationale KRW-proces en het SGBP4;
    3. gedeputeerde Bakker te mandateren om fouten in de data te herstellen door wijzigingen in het Waterkwaliteitsportaal te accorderen.

  3. 05

    Essentie / samenvatting:
    Gedeputeerde Staten wijzigen de Verordening Europese Landbouwsubsidies 2023-2027 provincie Utrecht (UTSP-4437239-3551) (hierna: de Verordening). Deze wijziging is nodig om deze Verordening te laten aansluiten bij de voor de provincies geldende modelverordening voor de uitvoering van het Europese gemeenschappelijke landbouwbeleid. Voorliggend besluit omvat het vaststellen van de wijziging van een aantal onderdelen van de Verordening om subsidieverstrekking in het kader van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) mogelijk te maken.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten het Wijzigingsbesluit Verordening Europese Landbouwsubsidies provincie Utrecht 2023-2027 vast te stellen en te publiceren in het Provinciaal Blad.

  4. 06

    Essentie / samenvatting:
    De fractie GroenLinks stelt op 5 oktober schriftelijke vragen over omgekeerde vlaggen langs provinciale wegen en het beleid daar0mtrent. De omgekeerde vlaggen die (op verschillende momenten in augustus/september) langs provinciale wegen aan provinciale eigendommen (veelal: lantaarnpalen) werden verbonden, zijn vanaf 24 september allemaal verwijderd. Aanvankelijk zijn de vlaggen – in afstemming met de betrokken gemeenten, de politie en het Openbaar Ministerie – een bepaalde periode gedoogd als vermoedelijke uitingen van protest uit de agrarische sector (geen afzender bekend).

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten de beantwoording van de schriftelijke vragen ex art. 51 van het Reglement van Orde Provincie Utrecht van het Statenlid El Hamdaoui van de fractie GroenLinks betreffende omgekeerde vlaggen langs provinciale wegen vast te stellen en te verzenden.

  5. 08

    Essentie / samenvatting:
    Het afgelopen jaar is het participatieproces rondom de kruising van de N233 met de Achterbergsestraatweg en de Bergweg in Rhenen afgerond. De hieruit voortgekomen oplossingsrichtingen zijn vervolgens verder uitgewerkt. Een ongelijkvloerse verbinding voor langzaam verkeer in combinatie met optimalisatie van de bestaande kruising lijkt het meest kansrijk. Dit mede vanwege een subsidie die de gemeente Rhenen hiervoor vanuit het Rijk heeft verkregen. Als de gemeenteraad van Rhenen ook met deze oplossingsrichting instemt zal deze scopewijziging, na verdere uitwerking en participatie, ter besluitvorming aan Provinciale Staten worden voorgelegd via het Meerjaren Investeringsplan Mobiliteit bij de Kaderbrief 2028.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten de Statenbrief ‘Uitkomsten participatie en uitwerking N233 Achterbergsestraatweg’, inclusief de bijlagen Rapport Participatie N233 Achterbergsestraatweg-Bergweg en N233 Kruising Achterberg Rhenen – Afweging varianten vast te stellen en ter informatie toe te sturen naar Provinciale Staten.

  6. 09

    Essentie / samenvatting:
    Met het besluit over het ontwerp van het programma renovatie en verduurzaming worden de uitgangspunten voor het technisch ontwerp en aanbesteding vastgesteld. Na het besluit van Gedeputeerde Staten worden de ontwerp- en aanbestedingsdocumenten verzonden aan Provinciale Staten middels een Statenbrief.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. in te stemmen met de ontwerpen van de renovatie en verduurzaming;
    2. geheimhouding op te leggen op bijlagen 1A, 1B, 2 en 3 op grond van artikel 28 van de Wet bibob en artikel 84 en artikel 85 lid 2 van de Provinciewet en artikel 5.2, lid b van de Wet open overheid;
    3. de Statenbrief “Ontwerp Renovatie en Verduurzaming” inclusief (geheime) bijlagen vast te stellen en ter informatie toe te sturen naar Provinciale Staten.

  7. 10

    Essentie / samenvatting:
    Op 22 april heeft Provinciale Staten de agenderingsmotie Amersfoort tot Zeist binnen draagkracht M26-25 aangenomen. Deze agenderingsmotie verzoekt het college om bij de verdere uitwerking van het gebiedsperspectief tussen Amersfoort tot Zeist (hierna A-Z) inzicht te bieden in de risico’s van de in- en uitbreidingsplannen van Defensie voor provinciale doelen op het gebied van natuur, water, woningbouw en recreatie. Daarbij wordt gevraagd te waarborgen dat deze doelen gerealiseerd kunnen blijven worden, inzicht te geven in de wijze waarop de provincie hierin acteert en Provinciale Staten uiterlijk in Q3 2026 te informeren over de verdere inrichting van het proces, waaronder onderzoek en monitoring.


    In de Statenbrief wordt omschreven dat de verzoeken uit deze agenderingsmotie geborgd zijn in het opgestelde gebiedsperspectief A-Z en in de vervolgens bestuurlijk ondertekende documenten: het Bestuurlijk Akkoord A-Z, clusterovereenkomst Midden, Oost en West. De afspraken uit deze akkoorden zijn vertaald naar concrete uitvoeringsacties die momenteel in uitvoering zijn. Een voorbeeld hiervan is een uitvoeringsstrategie voor de natuuropgaven. Daarnaast is het document ‘Overzicht impact groei Defensie’ (bijlage 3) opgesteld, waarin de risico’s en kansen die samenhangen met de groei van Defensie zijn geïnventariseerd en nader uitgewerkt.


    Gezien deze inhoudelijke verankering in afspraken en de lopende uitvoering van de bijbehorende acties, kan de motie als afgedaan worden beschouwd.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten: 
    1. de Statenbrief ‘Beantwoording agenderingsmotie Amersfoort tot Zeist binnen draagkracht M26-25’ vast te stellen en ter informatie toe te sturen aan Provinciale Staten; 
    2. de bijlage Overzichtsdocument impact groei defensie vast te stellen en ter informatie toe te sturen aan Provinciale Staten.

  8. 11

    Essentie / samenvatting:
    In deze brief worden de acties beschreven die de provincie inzet op het onderwerp dierenwelzijn van gehouden dieren, specifiek in relatie tot het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG). Provincie Utrecht is geen bevoegd gezag op de Wet dieren, maar spant zich wel in om dierenwelzijn te stimuleren en om kennis te vergroten en te verspreiden.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten de Statenbrief ‘Dierenwelzijn’ vast te stellen en ter informatie toe te sturen naar Provinciale Staten.

  9. 12

    Essentie / samenvatting:
    Via een Statenbrief worden Provinciale Staten van Utrecht geïnformeerd over de 'stand van zaken kaders en uitvoering wolven oktober 2026'. Met deze Statenbrief hebben zij overzicht van resultaten, ontwikkelingen en voortgang aan het eind van het (wolven)welpenseizoen 2026.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten de Statenbrief ‘Stand van zaken kaders en uitvoering wolven oktober 2026’ vast te stellen en ter informatie toe te sturen aan Provinciale Staten.

  10. 13

    Essentie / samenvatting:
    Op 13 november 2024 dienden fracties ChristenUnie, PvdA, VVD, D66 en SGP de motie ‘Intensiveer aanpak invasieve exoten’ (M24-115) in. In deze motie verzochten Provinciale Staten het college om het Uitvoeringsprogramma Invasieve Exoten 2022-2026 te evalueren, en te onderzoeken of en hoe intensivering van de aanpak en samenwerking mogelijk was. Op 8 juli 2025 hebben Gedeputeerde Staten ingestemd met een voorstel om de aanpak van invasieve exoten te intensiveren. Provinciale Staten worden, conform punt 7 uit de motie, per Statenbrief geïnformeerd over de voortgang. Omdat de gebiedsgerichte aanpak van invasieve exoten zoals voorzien in het intensiveringsvoorstel nog niet gereed is dient de geldigheidsduur van het Uitvoeringsprogramma Invasieve Exoten 2022-2026 met 1 jaar te worden verlengd.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. de geldigheidsduur van het Uitvoeringsprogramma Invasieve Exoten 2022-2026 met 1 jaar te verlengen;
    2. de Statenbrief '(Voortgang intensivering aanpak invasieve exoten)' vast te stellen en ter informatie toe te sturen naar Provinciale Staten.

  11. 14

    Essentie/ samenvatting:
    In december 2025 is vanuit de Statencommissie Ruimtelijke ontwikkeling en Wonen een werkgroep samengesteld voor het verbeteren van de werkwijze programma’s onder de Omgevingswet. Deze werkgroep heeft op 7 september 2026 het initiatiefvoorstel "Werkwijze programma's onder de Omgevingswet” aangeboden aan Gedeputeerde Staten voor een zienswijze. In het initiatiefvoorstel heeft de werkgroep aanpassingen aan de werkwijze voor beleidsprogramma’s opgenomen. Daarnaast heeft de werkgroep enkele uitwerkingsverzoeken opgenomen voor de omgevingsvisie en voor de monitoringscyclus. In de statenbrief hebben GS hun zienswijze op de voorstellen uit het initiatiefvoorstel van de werkgroep opgenomen en verzoeken GS u om enkele punten bij te stellen op basis van deze zienswijze.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten de Statenbrief ‘Zienswijze GS op initiatiefvoorstel Werkwijze programma's onder de Omgevingswet’ vast te stellen en ter informatie toe te sturen naar de werkgroep van Provinciale Staten.

  12. 15

    Essentie / samenvatting:
    Op 4 november 2026 vindt het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport Noordwest (BO MIRT) plaats. Dit is een overleg van een Utrechtse bestuurlijke afvaardiging en bewindspersonen van in ieder geval de ministeries van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) en Infrastructuur en Waterstaat (IenW). In deze brief wordt de regionale inzet voor afspraken met het Rijk toegelicht. Na de bestuurlijke overleggen worden Provinciale Staten met een brief geïnformeerd over de uitkomsten ervan.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten de Statenbrief ‘Inzet Bestuurlijke Overleggen MIRT Noordwest 2025’ vast te stellen en ter informatie toe te sturen aan Provinciale Staten.