Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

GS-Besluiten

dinsdag 11 januari 2022

09:30 - 12:30

Locatie
Microsoft Teams
Voorzitter
J.H. Oosters

Agendapunten

  1. Essentie / samenvatting:
    Het college van de gemeente Utrecht verzoekt om een ontheffing van de Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht (vervolg: IovpU) voor het bestemmingsplan Beneluxlaan 901, Kanaleneiland Zuid. Deze ontheffing is nodig om een woongebouw van 199 woningen mogelijk te maken binnen de beperkingenzone lokaal spoor, zoals deze is opgenomen de IovpU. Het verzoek voldoet aan de criteria in artikel 4.37 lid 2 uit de IovpU voor het verlenen van deze ontheffing. Het voorstel is dan ook om de verzochte ontheffing te verlenen.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. ontheffing te verlenen op basis van artikel 1.5 van de interim omgevingsverordening provincie Utrecht ten behoeve van het bestemmingsplan Beneluxlaan 901, Kanaleneiland Zuid van de gemeente Utrecht;
    2. de brief "Ontheffing interim omgevingsverordening Provincie Utrecht ten behoeve van het bestemmingsplan Beneluxlaan 901, Kanaleneiland Zuid" vast te stellen en te versturen;
    3. de Statenbrief Ontheffing Beneluxlaan 901 gemeente Utrecht vast te stellen en ter informatie naar Provinciale Staten te sturen.

  2. Essentie / samenvatting:
    Op 29 oktober 2021 ontving het college van Gedeputeerde Staten van Utrecht een beschikking van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat inzake de toekenning van een specifieke uitkering op basis van de Tijdelijke regeling specifieke uitkering Bodem overbruggingsjaar 2021, codering E58. Er is voor een drietal projecten in totaal een bedrag van € 3.637.611,= toegekend. Tegelijkertijd werd een toekenning voor drie andere ingediende projecten geweigerd. Bij brief van 1 december 2021 heeft gedeputeerde Bodem namens het college bezwaar gemaakt tegen de weigering van een specifieke uitkering voor twee projecten, te weten het project PFOS verontreiniging vml. vliegbasis Soesterberg en het project Spoorlaan 35 in Overberg. Gedeputeerde Staten van Utrecht hebben echter voor het maken van bezwaar op grond van de Algemene wet bestuursrecht geen algemeen mandaat aan hun leden verleend. Artikel 2 lid 2 Organisatiebesluit provincie Utrecht 2004 bepaalt dat een mandaat voor een bepaald geval, verleend aan een lid van Gedeputeerde Staten, slechts van kracht is indien de verlening schriftelijk is vastgelegd. Met dit besluit bekrachtigen Gedeputeerde Staten het namens hen ingediende bezwaar met verlening van mandaat aan de gedeputeerde Bodem, om namens hen dit bezwaar verder te behandelen.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten het namens hen ingediende bezwaar tegen de beschikking van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat inzake de Tijdelijke regeling specifieke uitkering Bodem overbruggingsjaar 2021 van 29 oktober 2021 met kenmerk IENW/BSK-2021/285378 te bekrachtigen en de gedeputeerde Bodem te mandateren om namens hen het bezwaar verder te behandelen.

  3. Essentie / samenvatting:
    In de Interim Omgevingsverordening provincie Utrecht (Interimverordening) zijn delen van Amendement 12 ‘Alternatievenonderzoek en verduidelijking tijdige compensatie’ (2021) niet correct verwerkt. Dit is hersteld.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten de statenbrief ‘Rectificatie Interim Omgevingsverordening’ met bijlage 1 ‘Rectificatie Interimverordening in Provinciaal Blad’ vast te stellen en toe te zenden aan Provinciale Staten.

  4. Essentie / samenvatting:
    In de Wet Milieubeheer (artikel 15:47) is bepaald dat de provincies er bestuurlijk en financieel voor verantwoordelijk zijn dat stortplaatsen na sluiting geen nadelige gevolgen voor het milieu veroorzaken. Hiertoe dient eeuwigdurende nazorg plaats te vinden. De middelen hiervoor worden bijeengebracht in een (provinciaal) nazorgfonds. Het bestuur van het Nazorgfonds gesloten stortplaatsen provincie Utrecht (verder: “het Nazorgfonds”), bestaande uit het college van Gedeputeerde Staten, stelt de jaarverslagen 2016 tot en met 2019 vast van het Nazorgfonds. Het bestuur benoemt een nieuw lid adviescommissie van het Nazorgfonds, ter vervanging van een terugtredend lid, voor de resterende duur van huidige zittingsperiode. Het bestuur van het nazorgfonds initieert een herbalanceertransactie om de beleggingsportefeuille van het fonds terug in lijn te brengen met de wettelijke vereisten en eigen beleggingsrichtlijnen.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. tot het vaststellen van de jaarrekeningen 2016 tot en met 2019 van het Nazorgfonds;
    2. tot het instemmen met de benoeming van de heer Amer Tihic als vertegenwoordiger van Renewi, als lid van de adviescommissie van het Nazorgfonds, ter vervanging van de terugtredende Sandor Karreman, voor de periode van 01.01.2022 tot en met 23.11.2022;
    3. de Statenbrief ‘Nazorgfonds gesloten stortplaatsen provincie Utrecht” vast te stellen en ter informatie naar Provinciale Staten te sturen;
    4. tot het vaststellen dat een herbalanceertransactie dient te worden uitgevoerd. Hierbij zal een verkoop van aandelenfondsen plaatsvinden, tot de weging van 45% vastrentende waarden, 55% zakelijke waarden;
    5. tot het bevestigen om de bevoegdheid tot het aangaan van aan- en verkooptransacties binnen de beleggingsrichtlijnen, of transacties gericht op het terug binnen de beleggingsrichtlijnen brengen van de portefeuille van het nazorgfonds, te mandateren aan het dagelijks bestuur.

  5. Essentie / samenvatting:
    Het programma U Ned omvat verschillende programmaonderdelen (zie voor meer informatie www.programmauned.nl) waaronder het onderdeel No Regretmaatregelen. Voor de uitvoering van maatregelen uit het No Regretpakket is €45 miljoen beschikbaar. Het ministerie van I&W, de provincie Utrecht en de gemeente Utrecht dragen hier iedere €15 miljoen aan bij. Afspraken over het pakket zijn vastgelegd in de Bestuursovereenkomst (BOK) No Regretmaatregelen U Ned. Hierin is bepaald dat voor het restbudget van € 5,6 miljoen in het najaar van 2021 nadere afspraken gemaakt worden over de besteding en dat dit ter besluitvorming voorgelegd wordt aan de Programmaraad van U Ned (21 januari 2022).
    Voorgesteld wordt een deel van het restbudget (€2,7 miljoen) toe te kennen aan twee No Regret maatregelen: (1) een opwaardering van het project Overstappunt Fiets & Ride (F&R) te Zeist (van basis naar plusvariant) en (2) de aanleg van de rotonde Zijldreef te Bunnik. De afspraken worden vastgelegd in een addendum als aanvulling op de eerder afgesloten bestuursovereenkomst. Over het restant van het restbudget (€2,9 miljoen) maken partijen in Q2 2022 verdere afspraken.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. het addendum op de Bestuursovereenkomst No Regretmaatregelen U Ned vast te stellen en aan te gaan;
    2. de gedeputeerden Mobiliteit en Ruimtelijke Ordening te mandateren om in de Programmaraad U Ned €2,7 miljoen van het restbudget toe te kennen aan de gemeenten Zeist en Bunnik en 2. over het restant van het restbudget (€2,9 miljoen) in gezamenlijkheid te onderhandelen waarna het resultaat ter goedkeuring wordt voorgelegd aan het College van Gedeputeerde Staten;
    3. de begrotingswijzigingen via de reguliere planning- en controlcyclus aan Provinciale Staten voor te leggen.

  6. Essentie / samenvatting:
    De SP stelt een aantal vragen naar aanleiding van de studie Samen OV versnellen zoals besproken in de commissievergadering M&M van 1 december jongstleden. Het betreft vragen over de wijzigingen rond de Sneltram Utrecht-Nieuwegein-IJsselstein en de gevolgen van in de studies beschreven aanpassingen voor exploitatiekosten, reizigersaantallen, reistijden en relatie met andere vervoerswijzen (fiets/auto) specifiek op Utrecht Centraal en Westraven. In de beantwoording wordt aangegeven hoe deze zaken zijn meegenomen in de studies.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten de beantwoording van de schriftelijke vragen ex art. 47 van het Reglement van Orde Provincie Utrecht van het Statenlid A. Poppe van de SP betreffende sneltram Utrecht-Nieuwegein-IJsselstein (SUNIJ) vast te stellen en te verzenden.

  7. Essentie / samenvatting:
    Op 18 juni 2021 is het gebied van Leersum-Valkenheide-Maarsbergen getroffen door een valwind met zeer aanzienlijke schade door talloze omgewaaide bomen, beschadigde woningen en platgeslagen bospercelen. Voorstel is om een bedrag van € 1,5 miljoen beschikbaar te gaan stellen als subsidie aan de gemeente Utrechtse Heuvelrug. Met de gemeente worden afspraken gemaakt over aanwending van deze middelen: maximaal € 0,5 miljoen als bijdrage voor herstelkosten van de zeer aanzienlijke schade van de gemeente zelf,€ 1,0 miljoen als dekking van herstelkosten van ernstige schade aan lanen en houtopstanden in het buitengebied. Beschikbaarstelling zal plaatsvinden onder voorbehoud van goedkeuring door Provinciale Staten (PS). In de reguliere P&C-cyclus zal de aanwending van deze middelen ter goedkeuring aan PS worden voorgelegd middels een voorstel tot begrotingswijziging om daarin de maximale bedragen op te nemen als begrotingssubsidie aan de gemeente Utrechtse Heuvelrug.

    Besluit

    Gedeputeerde Staten besluiten:
    1. een subsidiebudget voor de gemeente Utrechtse Heuvelrug beschikbaar te stellen ter hoogte van € 1,5 miljoen als bijdrage in herstelkosten van de schade die de gemeente Utrechtse Heuvelrug en andere getroffenen hebben geleden als gevolg van de valwind op 18 juni 2021 in het gebied LeersumValkenheide-Maarsbergen. In de beschikking worden voorwaarden opgenomen, onder meer over de verdeling van het budget tussen de gemeente en andere getroffenen. De subsidie wordt verleend onder voorbehoud van goedkeuring door PS;
    2. de Statenbrief ‘Subsidietoekenning schadeherstel valwind Leersum-Valkenheide-Maarsbergen’ vast te stellen en ter informatie naar Provinciale Staten te sturen.