Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

GS-Besluiten

dinsdag 9 november 2021

09:30 - 13:30

Locatie
16.30
Voorzitter
J.H. Oosters

Agendapunten

Essentie/ samenvatting:
Twee reclame-uitingen van Tuincentrum GroenRijk aan de doorgaande weg Woerden – Lopik voldoen niet aan de voorschriften van de Verordening natuur en landschap provincie Utrecht 2017. Er is geen zicht op legalisatie in relatie tot de komende Omgevingswet. Een oplossing in der minne is niet gelukt. Gedeputeerde Staten hebben het Tuincentrum vervolgens met twee lasten onder dwangsom gemaand om beide reclame-uitingen te verwijderen. Daartegen is bezwaar gemaakt. Tuincentrum GroenRijk maakt geen bezwaar tegen de overtredingen zelf, maar vindt onder andere dat beide lasten onder dwangsom niet in verhouding staan tot de overtredingen. De Awbadviescommissie van PS en GS constateert dat er wat betreft de beide overtredingen geen verschil van mening bestaat. Twee keer een bedrag van € 250,- per week tot een maximum van elk € 1.250,- acht de adviescommissie niet disproportioneel. Gedeputeerde Staten stonden volgens de Awb-adviescommissie in hun recht om beide lasten onder dwangsom op te leggen. De Awb-adviescommissie is van mening dat de bezwaren van Tuincentrum GroenRijk ongegrond zijn. Gedeputeerde Staten nemen het advies over en vergoeden geen proceskosten.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. het bezwaarschrift van Tuincentrum GroenRijk Montfoort d.d. 19-02-2021 tegen de oplegging van twee lasten onder dwangsom als ongegrond aan te merken;
2. het bestreden besluit tot oplegging van beide lasten onder dwangsom d.d. 20-01-2021 niet te herroepen;
3. geen proceskosten te vergoeden;
4. de beslissing op bezwaar vast te stellen, aangetekend te verzenden en voor de motivering te verwijzen naar het advies van de Awb-adviescommissie van PS en GS van 4 oktober 2021.

Essentie / samenvatting:
Een van de actielijnen uit het provinciale Programma Klimaatadaptatie is het opstellen van de Regionale Adaptatie Strategieën met de 4 werkregio’s klimaatadaptatie. In 2021 zijn in de regio’s Alblasserwaard Vijfheerenlanden (A5H) en Samenwerkingsverband Amstel, Gooi en Vecht (SAGV) Regionale Adaptatie Strategieën (RAS) opgesteld: een Regionale Adaptatie Strategie Alblasserwaard Vijfheerenlanden en het Handboek klimaatadaptatie Amstel Gooi en Vecht. Deze klimaatadaptatie-strategieën zijn door provincie, gemeenten, waterschap en de veiligheidsregio gezamenlijk met stakeholders opgesteld en bevatten een visie en strategie om de regio uiterlijk in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust te maken. De strategieën zijn niet het eindproduct, maar vooral het begin van nadere gesprekken met de stakeholders in het gebied en een richtinggevende basis voor lokale adaptatiestrategieën en -beleid. De RAS A5H en de RAS SAGV worden nu verder uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma. Beide strategieën hebben nadrukkelijk een link met het provinciale Programma Klimaatadaptatie, maar ook met andere regionale opgaven, zoals de Blauwe Agenda, de woningbouwopgave, energietransitie en verduurzaming van de landbouw.
Vanuit andere regio’s zijn eerder al de Regionale Adaptatie Strategie Utrecht Zuidwest (RAS Netwerk Water en Klimaat) en het Regionaal Adaptatie Plan Vallei en Veluwe (RAP Platform Water Vallei en Eem) opgesteld. Provinciale Staten zijn hierover op 10 februari 2021 geïnformeerd (kenmerk 821C4F06).

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. de Regionale Adaptatie Strategie Alblasserwaard Vijfheerenlanden vast te stellen;
2. het Handboek klimaatadaptatie Amstel Gooi en Vecht vast te stellen;
3. de bijgevoegde Statenbrief vast te stellen en toe te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
Het Rijk legt gemeenten per half jaar een taakstelling op voor het huisvesten van vergunninghouders (asielzoekers met een verblijfstatus). Gedeputeerde Staten houden interbestuurlijk toezicht (IBT) op de voortgang van de realisatie van deze taakstelling. Hierover rapporteren zij sinds 2015 aan Provinciale Staten door middel van jaarlijkse voortgangsrapportages. Binnen de twee ijkmomenten in deze voortgangsrapportage (2020 tweede helft en 2021 eerste helft) zijn de gemeenten voor het huisvesten van vergunninghouders als volgt beoordeeld: in de tweede helft van 2020 stonden van de 26 gemeenten 15 gemeenten op trede één (de laagste) van de IBT-interventieladder en 11 gemeenten op trede twee. In de eerste helft van 2021 stonden van de 26 gemeenten 7 gemeenten op trede één en 19 gemeenten op trede twee. Met name door de fors hogere
taakstelling voor de eerste helft van 2021 (1051 vergunninghouders ten opzichte van 505 vergunninghouders in de tweede helft van 2020) gecombineerd met de enorme druk op de woningmarkt, is een verslechtering van de huisvesting van vergunninghouders zichtbaar. Eind 2020 werd, op dringend verzoek van het Rijk, de huisvesting vergunninghouders toegevoegd als onderwerp aan de Provinciale Regietafel Migratie en Integratie (PRT). Dit zorgt er voor dat deze urgenter wordende huisvestingsopgave sindsdien meer in samenhang met de asielopgaven voor gemeenten opgepakt wordt.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. de Voortgangsrapportage huisvesting vergunninghouders 2020 (tweede helft) – 2021 (eerste helft) vast te stellen;
2. de Statenbrief vast te stellen en met de voortgangsrapportage ter informatie te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
op 11 oktober 2021 hebben de Bestuurlijke Onderhandelingsdelegatie (BOD) van de provincies (GS en PS) en de vakbonden een onderhandelaarsakkoord bereikt voor een fonds-cao provinciale sector met een looptijd van 1-1-2022 t/m 31-12-2026. In dit akkoord is de werkwijze, doel, uitvoering en financiering van de stichting Arbeidsmarkt en Ontwikkelingsfonds provincies (A&O fonds) vastgelegd conform de Wet op de Cao. Sociale partners leggen het onderhandelaarsakkoord met een positief advies voor ter instemming aan hun achterbannen. Werkgever zal op 11 november 2021 in het IPO-bestuur vaststellen of de gekwalificeerde meerderheid is behaald.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. in te stemmen met het onderhandelaarsakkoord voor een fonds-cao provinciale sector met een looptijd van 1-1-2022 t/m 31-  12-2026;
2. het IPO-bestuur in kennis te stellen van deze beslissing.

Essentie / samenvatting:
Samen met Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden (HDSR) en de andere gebiedspartners gaat de provincie Utrecht een samenwerkingsovereenkomst aan voor de Planuitwerkingsfase van de dijkversterkingen van de Lekdijk. Het betreft een samenwerkingsovereenkomst voor het deeltraject Culemborgse Veer – Beatrixsluis (CUB). De voorliggende samenwerkingsovereenkomst CUB is afgestemd op de twee samenwerkingsovereenkomsten voor de deeltrajecten Wijk bij Duurstede – Amerongen (WAM) en het traject Salmsteke- Schoonhoven (SAS). Deze zijn beide getekend op 4 oktober jl. In deze samenwerkingsovereenkomst CUB wordt de inzet vanuit meerdere provinciale opgaven gebundeld. Het betreft de verdere uitwerking van doelen/meekoppelkansen en ambities vanuit het programma AVP (Natura2000 en NNN), opgave Mooie en veilige dijken en programma Nieuwe Hollandse Waterlinie. In deze overeenkomst worden, evenals in de twee onlangs getekende overeenkomsten WAM en SAS, afspraken gemaakt over o.a. de kosten van de planuitwerkingsfase, de hoofdverplichtingen van de partijen, de wijze van samenwerken, de besluitvormingsmomenten, mijlpalen, planning en risico's en meerkosten.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. de samenwerkingsovereenkomst Planuitwerkingsfase dijkversterking Culemborgse veer – Beatrixsluis (CUB) vast te stellen en aan te gaan;
2. een provinciale bijdrage van € 335.015,- voor planuitwerking middels een begrotingssubsidie uit te keren in 2022 ten laste van bestaande budgetten.

Essentie/samenvatting:
De PVV stelt drie vragen over de definitie van plannen en projecten in het kader van de SMB-richtlijn
1. Wat is volgens u de definitie van een plan of project zoals bedoeld in de SMB-richtlijn en wat is de bron van uw definities en de juridische basis daarvan? Is e.e.a. in
jurisprudentie vastgelegd.
2. Waarom zijn naar uw mening, de regionale energiestrategieën geen plannen of projecten die onder artikel 3 van de SMB-richtlijn vallen en vooraf aan een milieubeoordeling getoetst dienen te worden?
3. Welke plannen en projecten van de Provincie Utrecht vallen volgens u wél onder de plannen en projecten volgens de SMB-richtlijn?

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de beantwoording van de schriftelijke vragen ex art. 47 van het Reglement van Orde Provincie Utrecht van het Statenlid Dercksen van de PVV betreffende de definitie van plannen en projecten in het kader van de SMB-richtlijn (MER) vast te stellen en te verzenden.

Essentie / samenvatting:
In 2021 zijn er meerdere verkeersongevallen geweest op de N210 (de Weg der Verenigde Naties) ter hoogte van de Kamerlingh Onneslaan in IJsselstein. Ook in voorgaande jaren
zijn er verkeersongevallen op die plek geweest. Naar aanleiding van vragen van Statenlid M. Hoek van 50PLUS heeft de provincie onderzocht in hoeverre het (lokaal) verlagen van de maximumsnelheid naar 60 km/u effectief en kostenefficiënt is. De inrichting en de functie van deze weg geven geen aanleiding voor snelheidsverlaging. Het ongevalsbeeld stemt daar echter niet mee overeen. Daarom hebben wij ervoor gekozen om per direct een adviessnelheid van 60km/u in te stellen. Dit naast de maatregelen op de korte termijn, zoals opruwen van het wegdek en het plaatsen van bochtschilden. Tot slot blijven wij de situatie monitoren en passen in 2023 bermverharding toe op dit traject.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de beantwoording van de schriftelijke vragen ex art. 47 van het Reglement van Orde Provincie Utrecht van het Statenlid M. Hoek van 50PLUS betreffende de N210 de Weg der Verenigde Naties vast te stellen en te verzenden.

Essentie / samenvatting:
De gemeente Nieuwegein heeft een verzoek ingediend voor ontheffing van artikel 4.37 lid 1 van de Interim Omgevingsverordening provincie Utrecht ten behoeve van het wijzigingsplan blok B1 Weverstede. Dit artikel voorziet in een bouwverbod binnen het beperkingengebied lokale spoorwegen. Gedeputeerde staten worden op basis van een integrale afweging van belangen geadviseerd deze ontheffing te verlenen. Deze toekenning voldoet aan de juridische eisen die de Interim Omgevingsverordening provincie Utrecht hieraan stelt, waaronder de eis dat maatregelen worden genomen om belemmeringen voor de lokale spoorweg nu en in de toekomst te voorkomen.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. de gemeente Nieuwegein ontheffing te verlenen van artikel 4.37 lid 1 van de Interim Omgevingsverordening provincie Utrecht ten behoeve van het wijzigingsplan blok B1 Weverstede.
2. de GS-brief aan de gemeente Nieuwegein waarin dit besluit tot ontheffing wordt medegedeeld en toegelicht vast te stellen.

Essentie / samenvatting:
Met het beleidskader Sociale Agenda – ‘Wij doen mee!’ geeft de provincie inhoud en vorm aan de ambitie om een provincie te zijn voor alle inwoners. De provincie Utrecht zet een Sociale bril op bij het dagelijks werk en de eigen organisatie, en zorgt voor doorontwikkeling van deze bril. De Sociale bril staat voor: mensgericht, gebruikersgericht en inclusief werken.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten het beleidskader Sociale Agenda met bijbehorende bijlagen, inclusief Uitvoeringskader op hoofdlijnen, vast te stellen en ter besluitvorming toe te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
Het IPO bestuur vergadert op 11 november 2021 en vanuit de provincie Utrecht is er een annotatie voor deze
bestuursvergadering opgesteld.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de annotatie over de volgende punten vast te stellen:
1. 2a. ‘Voortgang formatie’;
2. 2b. ‘Vertaling van rol in de ruimte in financiële inzet’ met inachtneming van de opmerkingen in het advies;
3. 3a. ‘Gerealiseerde schade Corona Cultuur eerste halfjaar 2021’, met inachtneming van de opmerking in het advies;
4. 3b. ‘Actualiteiten werkgeverszaken’.

.

Essentie/ samenvatting:
Naar aanleiding van de melding, voor het zomerreces, door de organisatie dat met name bij mobiliteit een aantal uitgaven niet rechtmatig waren, is besloten om hiervan melding te maken in de zomernota. Daarbij afgesproken in het College om aan de concerncontroller te vragen om ter zake aanvullende informatie te verstrekken over de achterliggende problematiek en te getroffen en te treffen maatregelen. In bijgevoegde statenbrief wordt invulling gegeven aan deze toezegging.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de statenbrief ‘ontwikkelingen rond de rechtmatigheden van uitgaven’ vast te stellen en ter informatie toe te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
De provincie Utrecht geeft via het Bodem, Water- en Milieuplan 2016 – 2021 regionale kaders voor het waterbeleid van de vier Utrechtse waterschappen. Jaarlijks rapporteren provincie en waterschappen over de voortgang en uitvoering van het waterbeleid. De Waterrapportage 2020 – 2021 gaat over de realisatie van het waterbeleid in 2020 en kijkt vooruit naar ontwikkelingen in 2021. Uit deze rapportage blijkt dat de voortgang en uitvoering van het waterbeleid door provincie en waterschappen overwegend conform planning verloopt.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. de Waterrapportage 2020 - 2021 vast te stellen;
2. de statenbrief vast te stellen en met de Waterrapportage 2020 – 2021 ter informatie toe te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
Het huidige woningtekort vraagt om snelle en slimme oplossingen voor woningzoekenden. Door het stimuleren en versnellen van de bouw van tijdelijke woningen wordt een flexibele schil rondom de reguliere woningmarkt gecreëerd. Woningzoekenden met een lastige positie op de woningmarkt kunnen hier gebruik van maken ter overbrugging van hun zoektocht naar een reguliere woning. Dit wordt ‘flexwonen’ genoemd. Met het Actieplan Flexwonen wordt inzichtelijk gemaakt welke concrete stappen worden ondernomen om de
bouw van tijdelijke woningen te stimuleren en te versnellen. Het actieplan volgt de leidende principes, sturingsfilosofie, rollen en instrumenten van het programmaplan Versnelling Woningbouw. Dit bekent een stimulerende, faciliterende en agenderende rol: de provincie als verbinder, aanjager en kennisdeler. De acties zijn tot stand gekomen na gesprekken met relevante stakeholders, zoals het Rijk, gemeenten, woningcorporaties, investeerders en experts. Met het toesturen van het Actieplan Flexwonen aan Provinciale Staten middels bijgevoegde statenbrief, wordt invulling gegeven aan de motie M75a ‘Flexibele Woonvormen’.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten het Actieplan Flexwonen en de bijbehorende statenbrief vast te stellen en toe te zenden aan Provinciale Staten

Essentie / samenvatting:
In mei 2021 hebben Gedeputeerde Staten de 3-jaarlijkse Rapportage Natuur (2017-2020) vastgesteld. In de Rapportage Natuur wordt aangegeven wat de stand van zaken is bij de uitvoering van het provinciale natuurbeleid en hoe het is gesteld met de staat van de biodiversiteit in de provincie Utrecht. In het Supplement Monitoring en Bijsturing behorend bij de Natuurvisie is opgenomen dat naar aanleiding van Rapportage Natuur een Nota van aanbevelingen wordt opgesteld. Naar aanleiding van geconstateerde ontwikkelingen en trends worden daarin aanbevelingen gedaan, om daar waar nodig het beleid of de uitvoering van het beleid bij te sturen. Hiermee wordt de beleidscyclus gesloten. De belangrijkste aanbevelingen betreffen de gewenste versnelling van de realisatie van het Natuurnetwerk Nederland (NNN), de kwaliteitsverbetering van natuurgebieden, onderzoek naar de sterk toegenomen recreatiedruk in de bos- en natuurgebieden, een voorstel voor aanpassing van de methodiek voor de ecologische monitoring en ten slotte een voorstel voor de wijziging van de provinciale vrijstellingslijst voor ruimtelijke ingrepen.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. de Nota van Aanbevelingen n.a.v. de Rapportage Natuur 2017-2020 vast te stellen;
2. uitvoering te geven aan de hierin genoemde maatregelen;
3. de statenbrief “Nota van aanbevelingen n.a.v. Rapportage Natuur 2017-2020” vast te stellen en ter informatie aan Provinciale Staten toe te zenden.

.

Essentie / samenvatting:
Provinciale Staten worden middels een statenbrief geïnformeerd over de voortgang van het programma Versnelling Woningbouw 2021 t/m 2024. Het betreft de eerste voortgangsrapportage over het uitvoerings-programma. In het programmaplan is aangekondigd dat PS met regelmaat geïnformeerd wordt over de voortgang en de resultaten van het uitvoeringsprogramma; vanaf 2021 zal jaarlijks een voortgangsrapportage worden opgesteld. Via deze eerste rapportage wordt inzicht gegeven in de diverse activiteiten en projecten die vanuit het programma in de periode januari t/m september 2021, zijn opgestart om uitvoering te geven aan het programma.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de statenbrief (inclusief bijlage) vast te stellen en ter informatie toe te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
De provincie werkt aan een convenant Duurzaam Bouwen. Dit convenant zal publiek-private afspraken bevatten met meetbare ondergrenzen op thema’s zoals energie, klimaatadaptatie, circulariteit, biodiversiteit, natuurinclusief bouwen, gezondheid en duurzaamheid. Doelgroepen zijn de partners in de bouwketen: gemeenten, provincie, bouwers, ontwikkelaars, waterschappen, maatschappelijke organisaties en brancheorganisaties. Met het convenant wordt een gelijk speelveld gecreëerd voor marktpartijen waardoor er toekomstbestendig, kwalitatief hoogwaardig en tegelijkertijd goedkoper gebouwd kan worden. Door de diverse thema’s in het convenant bij elkaar te brengen ontstaat er één integraal afwegingskader. Door middel van dit B-stuk wordt u geïnformeerd over de voortgang van het convenant Duurzaam Bouwen en Provinciale Staten met een statenbrief.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de statenbrief vast te stellen en ter informatie te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie/ samenvatting:
Bij aanvang van het project Plattelandscoaches is afgesproken om de aanpak en de resultaten tussentijds te evalueren. Op basis van de maandelijkse dashboards, gesprekken met deelnemers en de voortgangsverslagen van de coaches, is de voortgang in beeld gebracht. De resultaten zijn vastgelegd in het rapport Tussentijdse Evaluatie Plattelandscoaches. Met deze tussentijds evaluatie kunnen Gedeputeerde Staten Provinciale Staten informeren over de stand van zaken. PS hebben hierom verzocht tijdens een vergadering van de commissie RGW.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de Statenbrief Tussentijdse Evaluatie Plattelandscoaches met bijlage vast te stellen en door te geleiden naar Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
Op 2 juni 2021 heeft Provinciale Staten ingestemd met het Statenvoorstel om het aandelenkapitaal van de provincie Utrecht in de ROM Regio Utrecht met € 8 miljoen te verhogen. Hiervoor is € 2 miljoen uit de reserve Covid-flankerend beleid beschikbaar gesteld voor een risicoreservering van 25% in het weerstandsvermogen. De storting van € 8 miljoen zal worden geactiveerd op de balans ten laste van de bankrekening van de provincie Utrecht. Deze storting vormt de provinciale bijdrage in de vereiste regionale cofinanciering op het
bedrag van €15,99 miljoen dat door Ministerie EZK beschikbaar is gesteld voor de regio Utrecht. De resterende cofinanciering wordt geleverd door onze regionale partners in de ROM Regio Utrecht en een gedeelte via het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO). In totaal wordt het fondsvermogen van de ROM Regio Utrecht hiermee met € 31,98 miljoen versterkt voor extra financiële ondersteuning aan startups, scale-ups en innovatief MKB. De extra storting betekent een wijziging in de aandeelhouders verhoudingen en daarmee juridisch gezien ook de beslissingsbevoegdheid.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten na instemming door Provinciale Staten met het Statenvoorstel ‘Cofinanciering storting participatiefonds ROM Regio Utrecht en innovatiegelden Kansen voor West’ op 2 juni 2021:
1. als aandeelhouder van de ROM Regio Utrecht in de algemene vergadering van de vennootschap in te stemmen met het voorstel tot uitgifte van nieuwe aandelen door de ROM Regio Utrecht B.V. ter waarde van € 31,98 miljoen;
2. tot het aanvaarden/aankopen van nieuwe aandelen in de ROM Regio Utrecht B.V. door de provincie Utrecht voor een waarde van € 8 miljoen en het aankoopbedrag te storten in het Participatiefonds ROM Regio Utrecht B.V;
3. dat de CdK gedeputeerde Strijk machtigt om namens de provincie Utrecht het Volmacht aan de notaris voor de uitgifte van de aandelen te ondertekenen.

Essentie/ samenvatting:
Om de vervoerkundige koppeling van de Uithoflijn en SUNIJ-lijn te realiseren is het noodzakelijk aanpassingen aan de traminfrastructuur in het stationsgebied uit te voeren. In samenhang daarmee zal de gemeente Utrecht (hierna de gemeente) ten behoeve van verbetering van de doorstroming en de verkeersveiligheid van het voetganger- en fietsverkeer eveneens haar infrastructuur in het stationsgebied moeten aanpassen. Voor de realisatie wordt zoveel mogelijk werk met werk gemaakt en worden over en weer werkzaamheden voor elkaar meegenomen. Om deze werkzaamheden rechtmatig te kunnen opdragen en onderling te verrekenen zijn de afspraken hieromtrent vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de samenwerkingsovereenkomst met de gemeente ten aanzien van het realiseren van de herinrichting van de tram- en weginfrastructuur in het stationsgebied Utrecht CS - de vervoerkundige koppeling plus (VK+) vast te stellen en aan te gaan.