Ga naar de inhoud van deze pagina Ga naar het zoeken Ga naar het menu
Vorige pagina

GS-Besluiten

dinsdag 22 juni 2021

09:30 - 13:00

Locatie
16.30
Voorzitter
J.H. Oosters

Agendapunten

Essentie / samenvatting:
Eind 2020 zijn private en publieke partijen een gezamenlijke gebiedsaanpak gestart voor de bedrijventerreinen Lage Weide en De Wetering/Haarrijn met als hoofddoel: duurzame bereikbaarheid. Onder de vlag van het samenwerkingsverband Goedopweg werken gemeenten Utrecht en Stichtse Vecht, de provincie Utrecht en Parkmanagement en Industrievereniging Lage Weide, Parkmanagement en Businessclub De Wetering Haarrijn daarvoor samen aan een betere en duurzame bereikbaarheid van deze werklocaties door in te zetten op verschuiving van autogebruik naar meer gebruik van fiets en OV. Dit gebeurt door onder meer versterken van de fietsstructuur, gedragsmaatregelen en flankerende maatregelen zoals verbeteren van verkeers- en sociale veiligheid. Inmiddels zijn hiervoor de eerste acties in gang gezet. Met deze aanpak wordt invulling gegeven aan de wens van Provinciale Staten voor een betere OV- en fietsbereikbaarheid van Lage Weide, inclusief een verbeterde fietsverbinding Demkabrug, en om daarbij de samenwerking te zoeken met de private partijen (Motie M83 van 30 oktober 2019). Daarmee is deze motie afgehandeld.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de statenbrief “Gebiedsaanpak Lage Weide/De Wetering-Haarrijn vast te stellen en toe te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
Het Ontwerp Wijzigingsbesluit van het Natuurbeheerplan versie 2021 en het Ontwerp Wijzigingsbesluit Natuurbeheerplan 2022 hebben na vaststelling door GS op 9 maart 2021, gedurende 6 weken ter inzage gelegen. De zienswijzen hebben betrekking op kleine aanpassingen van de beheertypen op Natuurbeheerplan 2022. Verder zijn er zienswijzen ingediend met betrekking tot planschade door aanwijzing natuur 1x, garantie voor behoud agrarische bestemming en gebruik 7x, Groene Contour 2x en ambitie natuur 1x.

Het Natuurbeheerplan vormt het toetsingskader voor het verlenen van subsidies door de provincie voor agrarisch natuurbeheer, natuurbeheer, inrichting en kwaliteitsverbetering van natuurterreinen, en functieverandering van landbouwgrond naar natuur. Het Natuurbeheerplan geeft aan waar en voor welke doelen subsidie mogelijk is. In het Wijzigingsbesluit voor het beheerjaar 2021 wordt dit Natuurbeheerplan voor het verlenen van subsidies voor het beheerjaar 2021 op een aantal punten met terugwerkende kracht tot 1 januari 2021 aangepast. De aanpassing betreft het mogelijk maken van een subsidie functieverandering voor gronden in de Groene Contour in de uiterwaarden. In het Wijzigingsbesluit voor het beheerjaar 2022 zijn aanvullende aanpassingen opgenomen voor het verlenen van subsidies voor het beheerjaar 2022.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. het Wijzigingsbesluit Natuurbeheerplan versie 2021 vast te stellen;
2. het Wijzigingsbesluit Natuurbeheerplan versie 2022 vast te stellen;
3. de Nota van beantwoording zienswijzen op het Ontwerp Wijzigingsbesluit van het Natuurbeheerplan versie 2021 en het Ontwerp Wijzigingsbesluit Natuurbeheerplan 2022 vast te stellen en de indieners hierover per brief te informeren;
4. het Natuurbeheerplan 2022, met bijbehorende kaarten, vast te stellen en het besluit te publiceren;
5. de Statenbrief vast te stellen en met de Nota van beantwoording zienswijzen toe te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie/ samenvatting:
De provincies hebben de taak om het geluid in stiltegebieden te voorkomen of te beperken en om het aantal gebieden in stand te houden. Deze taak is neergelegd in artikel 2.18 lid 1 van de Omgevingswet. Adviesbureau dB-Vision heeft middels een evaluatie de totale geluidbelasting van de Utrechtse stiltegebieden in beeld gebracht. Ten opzichte van de vorige evaluatie van 2011 blijkt dat het totale oppervlakte aan stiltegebied per saldo nagenoeg gelijk is gebleven. De evaluatie onderstreept de effectiviteit van het gevoerde beleid en geeft op dit moment geen aanleiding tot een beleidswijziging.
Daarnaast is d.d. 10 maart 2021 bij de behandeling van Omgevingsverordening in Provinciale Staten de motie “neem bescherming stiltegebieden serieus” aangenomen. Deze vroeg GS om in overleg te gaan met de Utrechtse gemeenten met als doel het schrappen van de uitzondering in de Omgevingsverordening voor het afsteken van vuurwerk binnen 50 m van de woningen (binnen een stiltegebied) op oudejaarsnacht. Het gros van de gemeenten blijkt na een rondgang geen bezwaar te hebben tegen het opnemen van een algehele
verbodsbepaling. Derhalve wordt het college voorgesteld om bij de definitieve vaststelling van de Omgevingsverordening aan PS voor te stellen om de uitzonderingsbepaling voor de stille kern te schrappen.
Een algeheel verbod in de bufferzone leidt op dit moment tot te grote uitvoeringsproblemen vanwege de hoeveelheid aan woningen en de handhaafbaarheid van een algeheel vuurwerkverbod. Mogelijk komt dit op een later moment alsnog aan bod.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. de evaluatie van de akoestische kwaliteit van de stiltegebieden in de provincie Utrecht, peiljaar 2018 vast te stellen;
2. bij het vaststellen van de definitieve Omgevingsverordening de uitzonderingsbepaling voor het afsteken van vuurwerk op oudjaarsavond binnen 50 meter vanaf de woning gelegen in de stille kern van een stiltegebied te schrappen;
3. de Statenbrief met als onderwerp ‘Voortgang stiltegebieden’ vast te stellen en ter informatie naar Provinciale Staten te sturen.

Essentie / samenvatting:
In het nationale Klimaatakkoord (2019) is afgesproken dat in 30 regio’s Regionale Energiestrategieën (RES’en) worden opgesteld met als doel het opwekken van 35 terawattuur (TWh) grootschalige hernieuwbare elektriciteit op land in 2030. De RES’en 1.0 worden door Provinciale Staten, gemeenteraden en algemeen besturen van de waterschappen vastgesteld. De provincie Utrecht is actief betrokken bij het opstellen van de RES’en 1.0 en heeft de totstandkoming op meerdere wijzen ondersteund.

De RES 1.0 van de regio U16 levert met een bod van 1,8 TWh per jaar een adequate en proportionele bijdrage aan de landelijke opgave. De hoogte en onderbouwing van de boden is realistisch. Mogelijkheden om planuitval te compenseren vanuit reeds gevonden en nog nader te definiëren reservelocaties maken het bod voldoende robuust. Bij de ruimtelijke uitwerking is rekening gehouden met de randvoorwaarden in de provinciale Omgevingsvisie. Participatie van inwoners is op een zorgvuldige wijze ingevuld. Het elektriciteitsnetwerk kan aangepast worden aan de boden, maar de verhouding tussen zonne- en windenergie is niet optimaal. Dit is een belangrijk aandachtspunt voor het vervolg, evenals het bewaken van de voortgang.

Het bod in de RES’en zal nog verder moeten worden uitgewerkt. De nadere uitwerking zal worden getoetst aan de randvoorwaarden die zijn vastgelegd in de Omgevingsvisie provincie Utrecht, de Interim-Omgevingsverordening en aan ander provinciaal Beleid.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten het statenvoorstel ‘Regionale Energiestrategie 1.0 regio U16 vast te stellen en ter besluitvorming toe te zenden aan Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
De Jaarrekening 2020 geeft een getrouw beeld van de financiële situatie van de NV OMU en de behaalde resultaten in 2020. Het financiële resultaat is in 2020 aanzienlijk gunstiger dan begroot. Het eindresultaat 2020 ter grootte van € 124.000,- negatief is gunstiger dan het begrote resultaat ter grootte van € 339.000,- negatief. Dit verschil wordt zowel veroorzaakt door een gunstiger resultaat op de lopende projecten als op de algemene kosten. De hogere projectopbrengsten zijn met name een gevolg van het feit dat er meer en langer geld van OMU uitstaat in projecten dan oorspronkelijk is begroot. Dit heeft wel tot gevolg dat de grens van het OMU ter beschikking gestelde kapitaal (en de daaraan gekoppelde doelen van OMU), steeds vaker wordt bereikt.

De bedrijfsvoering heeft geen noemenswaardige gevolgen ondervonden van de coronacrisis. Dit geldt zowel voor de uitgevoerde projecten als de financiële situatie. De projecten die OMU heeft uitgevoerd, bestonden deels uit financieringen, strategische aankopen en faciliterende activiteiten. De ruimtelijke resultaten lopen, vergelijkbaar met voorgaande jaren, in 2020 wat betreft de bedrijventerreinen enigszins achter op schema. Voor de kantoortransformaties geldt dat daar, ondanks een lichte daling in 2020, gemiddeld nog steeds vooruit wordt gelopen op de doelstellingen. Opvallend is wel dat dat op bedrijventerreinen vaker om de faciliterende of investerende rol wordt gevraagd, terwijl bij kantorenlocaties nog steeds met name om de financierende rol wordt gevraagd. OMU schat in dat door de huidige coronasituatie dit beeld alleen nog maar zal worden versterkt.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. goedkeuring te verlenen aan het besluit van het bestuur van de NV OMU tot vaststelling van de Jaarrekening 2020.
2. de Gedeputeerde Economie te mandateren in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van de NV, de besluiten betreffende de Jaarrekening 2020 goed te keuren.
3. ingesloten statenbrief Jaarcijfers 2020 (bijlage 5) vast te stellen en met de Jaarrekening 2020 (bijlage 3) ter informatie aan Provinciale Staten toe te zenden, na goedkeuring in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 24 juni 2021.
4. geheimhouding op te leggen op de bijlagen Jaarverslag 2020 (bijlage 2), Besluitenlijst 2021 (bijlage 1) en Liquiditeitspositie OMU (bijlage 4), op grond van artikel 10 WOB lid 2b en artikel 55 lid 1 Provinciewet.

Essentie / samenvatting:
De provincie werkt met publiek geld, zodat taken kunnen worden uitgevoerd en de ambities kunnen worden gerealiseerd. Vanzelfsprekend moeten we inzicht geven in de wijze waarop we het geld besteden. Om te kunnen bepalen of het juist besteed is en of het heeft opgeleverd waar het voor bestemd was, verantwoordt de provincie zich door middel van de planning en control cyclus. Echter, de provincie Utrecht had de financiële functie nog niet op het gewenste niveau. Zo zijn er problemen geweest met de tijdige oplevering van de jaarrekeningen, werkte het financiële of administratieve systeem niet optimaal waardoor sturingsinformatie niet actueel of niet beschikbaar was én werkten we niet op een eenduidige en efficiënte wijze. Daarom is sinds januari 2020 het programmateam ‘Versterken financiële functie’ aan de slag gegaan om verbeteringen aan te jagen en te borgen in de organisatie om zo de kwaliteit van de financiële functie naar een hoger niveau te tillen.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de Statenbrief voortgangsrapportage 2e kwartaal 2021: programma Versterken Financiële Functie 2020/2021 vast te stellen en ter informatie aan Provinciale Staten te verzenden.

Essentie / samenvatting:
De vitaliteit van binnensteden, dorpskernen en winkelcentra staat al jaren onder druk door de toename van online winkelen en het daardoor wegvallen van detailhandel. De coronacrisis versterkt en versnelt dit proces waardoor ook horeca en andere functies zoals cultuur, recreatie en toerisme in binnensteden en dorpskeren onder druk komen te staan. Naast gevolgen voor de ondernemer zelf kan sluiting van winkels en horecazaken ook gevolgen hebben voor de vitaliteit van het totale dorps- of stadshart of wijkwinkelcentra. Grootschalige leegstand in een centrumgebied maakt de aantrekkingskracht van het hele gebied minder groot, niet alleen economisch, maar ook sociaal (als ontmoetingsplek). Ter ondersteuning van gemeenten om deze problematiek aan te pakken is de Uitvoeringsverordening Versterking vitaliteit binnensteden, dorpskernen en winkelcentra in het leven geroepen. Het doel van deze subsidieregeling is het versterken van de samenwerking tussen ondernemers, vastgoedeigenaren en overheid wat bovendien concreet moet leiden tot een aanpak ter versterking van de (langjarige) vitaliteit van een binnenstad, dorpskern en/ of winkelcentrum.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. de Uitvoeringsverordening subsidie Versterking vitaliteit binnensteden dorpskernen en winkelcentra vast te stellen;
2. de statenbrief ‘Vaststelling Uitvoeringsverordening subsidie Versterking vitaliteit binnensteden dorpskernen en winkelcentra’ vast te stellen en toe te sturen naar Provinciale Staten.

Essentie / samenvatting:
Met het vaststellen van de voorliggende samenwerkings- en realisatieovereenkomst voor de snelfietsroute Utrecht-Nieuwegein-IJsselstein, komen de gemeenten Utrecht, Nieuwegein en IJsselstein en de provincie Utrecht tot een akkoord over het tracé, het voorlopig ontwerp, de kostenverdeling en de uitvoeringsafspraken voor de realisatie van de snelfietsroute. Wanneer ook de gemeentebesturen de overeenkomst hebben vastgesteld, kan op 12 juli as ondertekening plaatsvinden en kan het project snelfietsroute overgaan tot realisatie. De planning is dan dat eind 2023 de route kan worden geopend.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. de realisatie- en samenwerkingsovereenkomst van de snelfietsroute Utrecht-Nieuwegein-IJsselstein, inclusief bijlagen, vast te stellen.
2. het mandaat, volmacht en machtiging te verkrijgen van de gemeente IJsselstein om namens deze gemeente een deel van de snelfietsroute uit te voeren, zoals opgenomen in de realisatieovereenkomst, en na realisatie weer aan de gemeente IJsselstein in beheer over te dragen.
3. de statenbrief “Samenwerkings- en realisatieovereenkomst voor de snelfietsroute Utrecht-Nieuwegein-IJsselstein” vast te stellen en deze ter informatie naar Provinciale Staten te sturen.

Essentie / samenvatting:
Op 7 juni 2021 heeft minister Ollongren van BZK de eerste jaarlijkse Voortgangsbrief over de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) naar de voorzitter van de Tweede Kamer gestuurd. In deze brief wordt onder meer ingegaan op: 1) de gevolgen van COVID-19 voor de fysieke leefomgeving; 2) de uitvoering van de NOVI; 3) de resultaten van de Bestuurlijk Overleggen Leefomgeving (BOL), waaronder het BOL Noordwest d.d. 21 april 2021 en 4) twee recent verschenen adviesrapporten. Door middel van deze Statenbrief worden Provinciale Staten over de belangrijkste punten uit de voortgangsbrief over de NOVI voor de provincie Utrecht geïnformeerd.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten de Statenbrief ‘Voortgangsbrief over de NOVI” vast te stellen en de Statenbrief ter informatie naar Provinciale Staten te sturen.

Essentie / samenvatting:
In de bestuurlijke planning van de P&C documenten is de Zomernota 2021 opgenomen. De Zomernota wordt door uw college vastgesteld uiterlijk 28 september. Vaststelling in PS staat gepland op 10 november 2021. De uitgangspunten voor de Zomernota worden aan GS ter besluitvorming voorgelegd.

Besluit

Gedeputeerde Staten besluiten:
1. in te stemmen met de uitgangspunten voor de Zomernota 2021 dat over de volgende zaken wordt gerapporteerd:
- Voortgang beleidsdoelen;
- Gevolgen Coronavirus.
- Voortgang Covidreserve en stelpost 2% vertragingsfactor;
- Verwerken van de volgende type begrotingswijzigingen:
o Saldo neutrale begrotingswijzigingen;
o Begrotingswijzigingen met betrekking tot de verwerking van de meicirculaire;
o Begrotingswijzigingen ten aanzien van ontwikkelingen die om directe bijsturing vragen;
o Begrotingswijzigingen naar aanleiding van Statenvoorstellen met financiële consequenties;
- Aanpassing Staat van Begrotingssubsidies;
- Aanpassing Meerjareninvesteringsplan/Meerjarenonderhoudsplan;
- Voortgang complexe investeringsprojecten;
2. als coördinerend portefeuillehouder Robert Strijk te benoemen.